UNIT WERKEN
Kerst 2018

 

VEELGESTELDE VRAAG: WEEKTAAK ORGANISEREN

 

In mijn unit 5-8 werkte ik met een weektaak. Wat een genot. Ik wil nooit meer anders! Vaak krijg ik er vragen over. Hoe ziet jouw weektaak eruit? Hoe doe je dat?

 

Maar de meest gestelde vraag is of ik voor ieder kind een eigen weektaak maak. Doe ik dat?

 

Eigenlijk een beetje van allebei. Ik startte met één weektaak voor alle vier de groepen en paste alleen die paar dingetjes aan die verschilden per groep. Meestal was het toch zo dat als groep 5 op maandag blok 2, les 3 had, dat dat ook voor de andere groepen zo was. Op die manier bleef het werkbaar voor mij.

 

Dat de weektaak er bij iedereen hetzelfde uitzag, betekent niet dat ik niet differentieerde in de verwerking, maar de wijze van differentiëren stond dan gewoon bij alle kinderen erop.

Bij sommige vakgebieden stond dan welke aanpak welke opdrachten moest maken.

 

Voorbeeld: * 1+2 ** 2+3 *** 4+5

 

Maar bij de meeste vakgebieden hoefde dat niet, omdat het vanuit de methode wel duidelijk was wie wat moest maken.

 

Leerlingen die veel meer aankonden dan de gewone lesstof en niet genoeg hadden aan aanpak 3, kregen een soort contract waarin stond wat zij mochten skippen (bijvoorbeeld maar één keer spelling flitsen in plaats van twee keer) en wat zij als extra uitdaging aangeboden kregen. Die extra uitdaging vond dan plaats in de vorm van een project, werkstuk of grote taak en duurde meestal zo’n 8 weken. Dat leercontract was voor hun dan een aanvulling op de weektaak.

 

Met de leerlingen voor wie het vanwege niveau of werktempo niet mogelijk was de weektaak helemaal af te krijgen, maakte ik op maandagochtend een plannetje. Ik streepte dan met een zwarte stift de taken die ze niet hoefden te maken van de weektaak weg. En voor de leerlingen die qua planning moeite hadden met een weektaak, zette ik bij elke opdracht erbij op welke dag die af moest en dat controleerde ik aan het einde van de dag dan even met ze.

 

Op die manier gebruikte ik één document, maar kwam ik toch aan de (onderwijs)behoeften van heel veel verschillende leerlingen tegemoet.

 

VEELGESTELDE VRAAG: FLEXIBELE WERKPLEKKEN

 

Ik lees er regelmatig over. Steeds meer leerkrachten willen gaan werken met werkplekken. Maar hoe begin je daarmee. Vandaag vertel ik je hoe ik dit vorig jaar aanpakte in unit 5-8.

 

In mijn groep 5-6-7-8 hadden alle kinderen een vaste plek waar we ’s ochtends begonnen en ’s middags afsloten. In die groepjes zorgde ik ervoor dat de leerlingen zowel bij leeftijdsgenoten als bij leerlingen uit een andere groep zaten. Een groepje van vier bestond dan bijvoorbeeld uit twee leerlingen van groep 5 en twee leerlingen van groep 7. Zo konden ze samen met een klasgenoot verwerken, maar hadden de leerlingen uit groep 5 en 6 (die toch nog wat minder zelfstandig waren) ook een oudere klasgenoot bij zich die ze op weg kon helpen.

 

Vooraan in de klas stond een grote instructietafel. Als groep 5 instructie kreeg, verhuisden alle kinderen van groep 5 dus met hun etui en boeken naar de instructietafel. Bij de grotere groepen was dat wel een beetje krap, maar nooit voor lang. Ik werkte namelijk volgens het directie instructiemodel, dus de aanpak 3 leerlingen gingen al snel terug naar hun eigen plek.

 

Naast de groepjes met vaste plekken, had ik nog wat samenwerkplekken op de gang, een aantal computerplekken, twee stilteplekken en een zitzak om in te lezen. De meeste leerlingen konden per opdracht zelf kiezen waar ze aan de slag gingen. In het begin hadden ze daar wel hulp bij nodig en sommige leerlingen bleven hulp nodig hebben, dus die zaten bijvoorbeeld een dagdeel per dag verplicht aan een stilteplek.

 

VEELGESTELDE VRAAG: WIE KIJKT ER NA?

 

Dit is een vraag die mij veel gesteld wordt en die ik ook regelmatig tegenkom in allerlei onderwijsgroepen op social media. Voordat je mijn antwoord leest op deze vraag, kun je het beste ook even de vorige vraag teruglezen, waarbij ik in ga op het zelfstandig werken van de leerlingen. Het onderwerp nakijken stip ik daar ook al kort aan.

 

Zoals bij de vorige vraag te lezen is, kijken mijn kinderen hun werk eigenlijk zelf na. Naast het weektaakdocument van de leerlingen had ik een aftekenlijst en controleerde ik in de looprondjes. Dat wil zeggen: had een kind iets af, dan liet ‘ie dat op de hoek van de tafel liggen. Ik zag dan meteen of iets af en nagekeken was en zette een kruisje op de aftekenlijst. Computeropdrachten kon ik in één keer van de hele klas overzien in de leerkrachtmodule van onze methodes. Op vrijdag controleerde ik samen met de onderwijsassistente de laatste dingetjes die ik nog niet in de looprondjes had gezien.

 

Om de leerlingen te stimuleren alles op tijd afgetekend te hebben (zodat wij niet op vrijdag nog heel veel moesten controleren), mochten leerlingen die op vrijdag alles af hadden een leerspelletje spelen op de gang. Op deze manier hoefden wij op vrijdag niet zo heel veel meer te controleren. Overigens hield ik in de gaten wie op vrijdag de hele dag spelletjes speelde en zorgde ik dat die de week erna iets meer werk had, zodat ‘ie pas op vrijdagmiddag aan de spelletjes toekwam.

 

Ook was het de afspraak dat werk dat op vrijdag niet af was, mee naar huis ging. Dat klinkt heel streng, maar viel reuze mee. Had een leerling namelijk keihard gewerkt, maar toch de weektaak niet afgekregen, dan zorgde ik dat er de volgende week wat minder op stond. Had een leerling de hele week zitten lanterfanten, tja, dan moest er veel mee naar huis. Meestal was één weekend thuis hard op het schoolwerk zwoegen genoeg om de week erna beter door te werken.

 

Maar misschien heb je al door dat ik tot nu toe alleen geschreven heb over controleren of werk af is en nog niet over nakijken. Dat is omdat ik maar een klein deel van het werk nakeek. Nakijken deed ik alleen steekproefsgewijs en bij sommige leerlingen wat meer. Je weet zelf wel bij wie dat nodig is. Doordat leerlingen nooit van te voren wisten welk schrift ik zou nakijken, keken ze zelf al wat serieuzer na.

 

VEELGESTELDE VRAAG: ZELFSTANDIG WERKEN IN EEN WERKPLEIN

 

Steeds meer scholen werken met een werkplein, een verwerkingsruimte, een zelfstandig werken moment of iets dergelijks. Ik krijg er regelmatig vragen over. Leerkrachten willen wel aan de slag, maar durven nog niet helemaal los te laten of zijn bang het zicht op de werkhouding van de leerlingen te verliezen. Je leest hier hoe ik dit de afgelopen jaren aanpakte in de unit 5-8.

 

Zoals in de vorige vraag beschreven, werkte ik met een weektaak en wisten de kinderen dus precies wat wanneer af moest zijn. Af betekende ook nagekeken. De kinderen keken dus alles zelf na (m.u.v. toetsen natuurlijk). k sprak met mijn leerlingen het volgende af: maakte ze veel fouten, dan verwachtte ik dat ze eerst zelf op zoek gingen naar een oplossing of oorzaak. Die oorzaak noteerden ze dan in hun schrift met rode pen erbij. En daarna maakten ze het natuurlijk opnieuw.

Bijvoorbeeld: ik had in plaats van minsommen alles plus gedaan. Of: mijn tafelmaatje heeft het me nog eens uitgelegd, nu snap ik het wel. Voor de kinderen van groep 5 was dat in het begin wel moeilijk, dus werden ze op weg geholpen door de oudere leerlingen van groep 7 of 8. Dat is hartstikke handig in een unit met meerdere leerjaren. Als de leerlingen zelf of met de hulp van een klasgenoot niet tot een oplossing kwamen, dan moesten ze hun blokje op vraagteken zetten.

 

Het zelfstandig werken blokje waar we mee werkten, zag er zo uit:

- rode stip: klasgenoten mogen mij niet storen

- groene stip: klasgenoten mogen mij wat vragen

- rood vraagteken: idem rode stip én ik heb een vraag voor de juf

- groen vraagteken: idem groene stip én ik heb een vraag voor de juf

 

De afspraak was dat de kinderen eventuele vragen eerst zelf probeerden op te lossen, daarna om hulp vroegen in hun groepje en dan pas het blokje op vraagteken zetten.

 

Op mijn bord hing een stoplicht (gelamineerd rond vouwblaadje, ene kant rood, andere kant groen). Gaf ik instructie aan de ene groep, dan stond het stoplicht op rood en mochten de andere groepen me niet storen. Ik liep wel regelmatig looprondjes. Dan zette ik het stoplicht op groen en liep een vaste route (voorspelbaarheid, heel belangrijk) door de klas. Kinderen die tijdens het werken of nakijken erachter waren gekomen dat ze iets niet snapten, konden dan hun vraag stellen. Kon het vrij snel uitgelegd worden, dan deed ik dat ter plekke. Duurde het langer, dan plande ik bij de volgende les over dat onderwerp deze leerling in voor de verlengde instructie.

 

VEELGESTELDE VRAAG: HOE IK WERK MET EEN WEEKTAAK

 

De laatste tijd krijg ik steeds vaker e-mails van leerkrachten die ergens hulp mee nodig hebben of op zoek zijn naar tips. Ik heb vaak geen tijd om al die mails uitgebreid een-op-een te beantwoorden. Maar dit is een vraag die wel héél veel gesteld wordt.

 

Wat wij ik eigenlijk deed is in een tabel per vakgebied onder elkaar schrijven wat er allemaal af moet die week. Voor de instructielessen zette ik een I. Daarvan mochten de leerlingen de verwerking pas maken nadat ze de instructie hadden gehad. Voor de zelfstandige activiteiten (schrijven, herhaling rekenen, woordenschat inoefenen, stelopdracht, spellingwoorden flitsen, computeropdrachten e.d.) zette ik een Z. Daar mochten ze direct mee beginnen. Als het er moest worden samengewerkt, zette ik een S ervoor en voor toetsen een T.

 

Achter de opdrachten stond nog een kolom met de dag van de week. Daar konden ze aan zien welke instructie wanneer werd gegeven. Bij de zelfstandige lessen zette ik daar meestal niks (zelf inplannen), maar soms wel. Dan wilde ik bijvoorbeeld dat ze eerst de spelling instructie van dinsdag hadden gedaan voor ze de woorden gingen flitsen. Dan zette ik achter spelling flitsen ‘woensdag.

 

De laatste kolom waren drie smileys. Blij, neutraal en sip. Daar konden de kinderen reflecteren op hoe het is gegaan (werkhouding, aantal fouten e.d.). Daar moest ik ze wel op coachen, anders kleurden ze standaard de blije smiley. En gesprekjes voeren. Waarom een verdrietige smiley? Was het werk te moeilijk? Raakte je afgeleid? Maakte je veel fouten? Vond je het niet leuk?

 

Wat de kinderen op maandag afkregen, kleurden ze met rood, dinsdag met blauw, woensdag geel, donderdag groen en vrijdag oranje. Zo zag ik wat ze tot het laatste moment hadden laten liggen en of ze de taken daadwerkelijk op de juiste dagen maakten en zich aan de afspraken hielden. Kinderen mochten een les pas kleuren als die fatsoenlijk af en nagekeken was.

 

EEN NIEUWE WERKPLEK

 

Als je school gaat sluiten, dan betekent dat automatisch dat je op zoek moet naar een nieuwe werkplek. Zo ook voor mij, al hoefde ik niet zo heel lang te zoeken. Binnen ons bestuur was er namelijk al heel snel een passende, nieuwe plek voor mij gevonden.

 

Maar hoewel ik al maanden wist waar ik zou komen te werken, werd het pas kort geleden definitief duidelijk welke groep het zou worden: 5-6. Ik had me vrij flexibel opgesteld qua inzetbaarheid en vond elke groep wel oké. Wel had ik aangegeven nu liever eens niet groep 8 te hebben in verband met schoolkamp/eindtoets/musical/adviezen (ook leuk, maar ik wilde eens iets anders). Groep 5-6 was waar ik stiekem op hoopte, dus ik ben reuze enthousiast!

 

Maar ik vind het ook spannend. Er gaat natuurlijk een hoop veranderen. Om te beginnen is deze school met zo'n 300 leerlingen een stuk groter dan het schooltje waar ik nu werk. Er zijn bijvoorbeeld drie stamgroepen in de unit 5-6. Behalve in de stamgroep wordt er ook veel groepsdoorbroken gewerkt. Zo wordt taal en rekenen in instructiegroepen aangepakt en is er 's middags een Jeelo circuit voor de hele unit. Zoveel leerlingen ben ik helemaal niet meer gewend. Er zitten straks meer kinderen in mijn instructiegroepen dan er nu op mijn hele school zijn. Dat gaat vast even pittig zijn in het begin.

 

Maar niet alles is anders. Als kleine school zijn we namelijk al een paar jaren aan deze grotere school verbonden. We hebben dezelfde directie, delen onze specialisten, gebruiken dezelfde methodes, vergaderen samen en volgen dezelfde nascholingen. En we werken samen met Jeelo. Hartstikke leuk dat ik ondanks mijn nieuwe werkplek dus toch aan Jeelo verbonden blijf! En nog fijner vind ik het dat mijn super collega met me mee maar deze school verhuist. Ook zij gaat naar unit 5-6, dus onze prettige samenwerking gaat niet verloren.

 

Vooralsnog ben ik druk bezig met de afronding van dit schooljaar en het afscheid van de school en de leerlingen, maar op de achtergrond speelt al de voorpret voor volgend jaar. Weten jullie ook al voor welke groep en op welke school jullie volgend jaar staan?

 

EEN LEGE SCHOOL

 

Nu het einde van het schooljaar in zicht komt, komt de sluiting van ons kleine schooltje ook steeds dichterbij. Gek hoor, om alles nu voor de laatste keer te doen. De laatste eindtoets, de laatste Koningsspelen, de laatste keer op veldles naar het Geuldal...

 

En ook super raar om de school steeds leger te zien worden. Boeken die we uit hebben hebben, worden al naar andere scholen gebracht. Materiaal dat niet meer nodig is, wordt weggegeven of weggegooid. Het meubilair is bestickerd om aan te geven waar het deze zomer heen gaat.

 

De schoolzolder die altijd bomvol lag (vooral rotzooi, maar daartussen ook schatten) is nu helemaal leeg. Eerst hebben we alles van waarde weg mogen halen en daarna is 'ie helemaal geruimd door een verhuisbedrijf. Nu, helemaal leeg, ziet het er een beetje onwerkelijk uit.

 

De komende tijd zullen er nog wel meer van die gekke momenten komen: nog meer laatste keren, het afscheidsfeest, het moment dat het gebouw helemaal leeg is en natuurlijk het inleveren van onze sleutels.

 

Het is toch wel een heel unieke situatie, om een school te moeten sluiten. En hoewel ik helemaal achter de reden van de sluiting sta, hoop ik dat ik dit proces niet nog een keer hoef mee te maken.

 

GEEN NIEUWS…

 

 

Het is alweer een hele tijd geleden dat ik een bericht op deze pagina plaatste… Geen nieuws is goed nieuws, wordt wel gezegd. Hoewel dit in de meeste gevallen opgaat, is het nu niet het geval. Dat er geen nieuwe berichten op deze pagina zijn verschijnen, is slecht nieuws. In ieder geval voor onze school.

 

We gaan namelijk sluiten. *

 

 

Officieel per 1 augustus 2018, maar het komt erop neer dat we op de laatste schooldag van 2017-2018 nadat we de kinderen uitzwaaien, ook onze sleutels inleveren en het gebouw leeg opleveren voor de gemeente. *slik*

 

Tja, even slikken was het ook voor ons, toen we het op de informatieavond in de eerste schoolweek aan de ouders mededeelden. Er gaan veel emoties gepaard met het sluiten van de school in zo’n kleine dorpskern. Voor de leerkrachten, maar vooral voor de kinderen en ouders. We hebben verdriet gezien, boosheid en weerstand. Maar ook hele mooie reacties. We zijn nu een aantal maanden verder en iedereen heeft deze verandering een plaatsje kunnen geven. De focus ligt er nu op dit laatste schooljaar zo fijn mogelijk af te sluiten.

 

Hoe ik er in sta?

 

Ik heb er vrede mee. Ik heb het ontzettend naar mijn zin op deze school en het werken op een kleine school is een geweldige, leerzame en unieke ervaring voor me geweest. Maar het heeft ook haar kwetsbaarheden (als je een paar berichten naar beneden scrollt, kun je ze lezen) en ik ben toe aan iets nieuws.

 

Ik geniet de komende maanden extra van alle fijne momenten in de klas, omdat ik weet dat het voor het laatst is. Samen met collega’s en ouders ga ik alles op alles zetten om het schooljaar knallend af te sluiten. We zorgen voor een goede plek voor al onze leerlingen en dragen ze met zorg over. En ik begin me stiekem ook al te verheugen op nieuwe kansen voor het volgende jaar.

 

 

* Om allerlei wilde verhalen al de wereld uit te helpen voor ze er zijn: we gaan niet sluiten omdat er iets mis zou zijn met ons onderwijs, maar simpelweg omdat we te weinig leerlingen hebben.

 

En nee, we zijn ook geen leerlingen ‘kwijtgeraakt’ door onze manier van werken. Niemand heeft de school verlaten, omdat ze zich niet in ons onderwijsaanbod konden vinden. Er zijn wel wat leerlingen vanwege verhuizing, doorverwijzing naar het SBO en andere gangbare redenen vertrokken. En op zo’n kleine school, kan ‘een aantal leerlingen’ al snel zo’n 10% van je leerlingaantal zijn.

 

HOE MIJN WERKWEEK ERUIT ZIET IN UNIT 5-8

 

Als ik vertel dat ik in een unit 5-8 werk, dan levert dat nog wel eens gefronste wenkbrauwen op. Mensen kunnen zich er weinig bij voorstellen. Logisch! Ik ook niet, voor ik me erin verdiepte.

 

Vandaag verschaf ik wat meer duidelijkheid en laat ik jullie weten hoe een gemiddelde werkweek er bij mij uitziet. Ik houd het bij mijn activiteiten onder schooltijd, anders zou het een te lang bericht worden. Wellicht maak ik binnenkort een vervolg met wat ik na schooltijd doe.

 

Maandag

 

Op maandag en dinsdag zijn we met twee leerkrachten in de unit 5-8. Mijn collega neemt groep 5 en 6 voor haar rekening en ik verhuis met groep 7 en 8 naar een ander lokaal. Omdat we qua leerkrachten dubbel bezet zijn, kunnen we de week starten met wat meer instructies en kunnen de leerlingen op woensdag, donderdag en vrijdag zelfstandiger aan de slag. De instructies op maandag zijn: rekenen, taal, spelling, begrijpend lezen en Engels. De middag staat in het teken van Jeelo, dat is een manier van werken voor o.a. wereldoriëntatie, expressie, sociale vaardigheden en leren-leren die veel meer is dan een methode. Schoolbreed werken we aan thema’s. Soms geef ik een klassikale instructie, maar veel vaker begeleid ik de kinderen wanneer ze toewerken naar een product.

 

Dinsdag

 

De dinsdag lijkt erg op de maandag. Ik geef instructies over rekenen, taal en studievaardigheden. Ook staat er een gymles gepland op de dinsdag. Gymmen doen we met groep 3 t/m 8. Leuk om met zo’n afwisselende groep te gymmen, maar ook druk. Daarom verdelen mijn collega en ik de groep en de taken. De ene week neemt zij groep 3 t/m 5 voor haar rekening en ik groep 6 t/m 8; de week erna ruilen we om. Mijn collega geeft toestellessen volgens het vakwerkplan van de gemeente, ik verzorg andere activiteiten: groene spelen, bewegen op muziek, spellessen en nog veel meer.

’s Middags staat Jeelo weer op het programma.

 

Woensdag

 

Een korte dag, omdat de kinderen al om 12.30 u. naar huis mogen. Op woensdag, donderdag en vrijdag zitten de groepen 5, 6, 7 en 8 de hele dag bij elkaar. In het instructielokaal wordt er stil gewerkt, in de verwerkingsruimte mogen ze samenwerken en regelmatig worden er kinderen uit de klas gehaald door de onderwijsassistente: pre-teaching, leesgroepjes, huiswerk nakijken, enz. Voor de kleine pauze geef ik dan rekenen aan alle groepen en na de kleine pauze is taal aan de beurt. Op woensdag sluiten we de dag af met een klein half uurtje samen stillezen.

 

Donderdag

 

Net als op de woensdag zitten taal en rekenen in het ochtendprogramma en voor groep 7 ook werkwoordspelling. ’s Middags is er weer gymles voor groep 3 t/m 8. Vandaag ga ik echter niet mee. Omdat mijn collega van de unit 1-4 de gymopleiding volgt, verzorgt zij op donderdag de gymles en neem ik haar groepje kleuters over. Hartstikke leuk! Ik verzorg een muziekles, een korte talige activiteit over een letter en stuur het kiezen-werken aan. Tegen de tijd dat de gymkinderen terug komen, neem ik de kleuters mee naar buiten en ruil ik met mijn collega van leerlingen. De middag is dan al bijna voorbij. Alleen groep 8 krijgt nog een instructie werkwoordspelling terwijl de andere kinderen bij de onderwijsassistente lezen.

 

Vrijdag

 

De vrijdag lijkt in de ochtend erg op de donderdag, alleen hebben vandaag groep 6 spelling. Anders is dat de kinderen die klaar zijn met hun weektaak op de vrijdag leerzame spelletjes mogen spelen in de verwerkingsruimte. Dat motiveert enorm! De middag wordt gestart met een klein half uurtje stillezen voor groep 6, 7 en 8 en spelling instructie voor groep 5. Daarna staat de middag in het teken van Jeelo. Doordat we met Jeelo vaak werken met activiteiten in een circuit model en de instructies deels digitaal worden gegeven, heb ik mijn handen vrij om met ieder kind even individueel te kunnen afstemmen. Omdat we altijd met twee volwassenen zijn, zet ik deze tijd ook in voor IOP’s en HGA’s.

 

WE DOEN HET SAMEN

 

Ik heb al vaker geschreven over de geweldige uitdaging die ik afgelopen kaar mocht aangaan: het vormgeven aan een unit 5-8.

Ik sta niet alleen voor deze unit. Door mijn studieverlof, de ondersteuning van de onderwijsassistente en de twee dagen een extra leerkracht, vormden we met z'n vieren 'team unit 5-8'.

 

Spannend voor mij, dat samenwerken, want voorheen werkte ik fulltime in mijn eigen groep. Ik schreef er al eerder over hoe ik die overgang heb ervaren. Toch beschrijf ik het onderwerp nu opnieuw. Bij het uitvoeren van onze Bonte Avond met groep 8, voelde ik die samenwerking namelijk als nooit tevoren.

 

Als leerkracht van groep 8 zit je de laatste helft van het schooljaar behoorlijk op je eigen eilandje. Waar de rest gewoon het reguliere lesprogramma doorzet, gaat veel van jou energie op aan de eindtoets, het schoolkamp en de musical (of bonte avond). Andere jaren voelde het tijdens het organiseren van deze avond alsof alle druk op mijn schouders lag, wat voor de nodige spanning zorgde.

 

Dit jaar was het anders. Ik had dan wel de organisatie volledig voor mijn rekening genomen; mijn collega's wisten wel precies waar ik mee bezig was. Ze zagen mijn werk, ze ondersteunden me en ze waren er wanneer in advies nodig had.

 

En op de avond zelf, had één collega de boodschappen gedaan, kondigde een andere collega de optredens aan en hielp nog een andere collega met het 'stil houden' van de leerlingen achter de schermen.

 

En ik? Ik had alle rust en tijd om kinderen met hun attributen het podium op te helpen, muziek te starten en indien nodig te souffleren. Ik was de rust zelve. Heerlijk!

 

Werk je bij jou op school (nog) niet in een unit, maar wel in groep 8? Schakel dan je collega's in om bij de bonte avond te helpen. Had ik dat maar jaren eerder gedaan!

 

VOLGEND JAAR

 

Het eind van het schooljaar is altijd een drukke, maar ook spannende tijd. Je zit nog volop in het huidige jaar met alle eindejaarsactiviteiten, maar je gedachten gaan ook al uit naar het nieuwe jaar en alle voorbereidingen die daarmee samenhangen.

 

Weten jullie al wat jullie volgend jaar voor groep krijgen? Zelfde groep, nieuwe groep of zelfs nieuwe school? En misschien krijg je wel een hele nieuwe taak! Laat het me weten. Ik ben zo benieuwd!

 

Zelf krijg ik volgend jaar weer unit 5-8 en daar kijk ik echt naar uit. Ik heb dit schooljaar ontzettend genoten van deze groep en er zoveel van geleerd. Maar ik ben nog lang niet uitgeleerd, dus ik zie volop kansen voor volgend jaar.

 

Super is het ook dat er, voor mij voor het eerst, eens een jaar bijna niets veranderd. Geen nieuwe methodes, geen nieuwe collega's, geen onbekende kinderen, geen nieuwe groep. Volgend jaar kan ik echt gaan profiteren van alles wat we dit jaar opgestart hebben!

 

Een paar dingen veranderen er volgend jaar overigens wel. Zo is de groep een beetje kleiner en gaan we met minder collega's samenwerken. Mijn studie is afgelopen en daarmee mijn studieverlof ook, dus volgend jaar sta ik weer fulltime voor de klas, waar ik me weer heel erg op verheug. Fulltime werken bespaart toch een heleboel overleg en ik vind het fijn dat ik dan gemakkelijker in het schoolritme blijf.

 

Laat je me weten wat jij volgend jaar gaat doen?

 

 

WAT IK HEB GELEERD VAN WERKEN IN UNIT 5-8

 

 

We zitten al weer in de laatste periode van het schooljaar. Dit jaar was/is voor mij een heel enerverend jaar geweest. Sowieso door mijn studie en de verbouwing thuis, maar zeker ook vanwege de bijzondere groep die ik dit jaar heb. Unit 5-8!

 

En hoewel ik me absoluut geen expert wil noemen, wil ik wel graag met jullie delen wat ik dit schooljaar allemaal heb geleerd. Daarbij mag het duidelijk zijn; ik ben nog lang niet uitgeleerd. Ik denk dat er nog veel meer te leren valt en heb het geluk dat ik volgend jaar weer voor deze groep sta. Op naar nieuwe leermomenten!

 

 

Prioriteiten stellen

 

Elke leerkracht komt tijd tekort en dat gaat zeker op voor een leerkracht die in een unit 5-8 werkt. Er zitten helaas maar vijf uur en een kwartier in onze lesdag (op woensdag nog minder) en in die tijd moet een heleboel gebeuren. Hetzelfde geldt voor die paar uurtjes die je na schooltijd over houdt.

 

Dat betekent keuzes maken. Want, als ik vandaag langer met rekenen van groep 5 doorga, omdat Janneke en Thomas het nog niet begrijpen, dan houd ik nog maar een paar minuten over voor de rekenles van groep 6. En ook na schooltijd. Beantwoord ik nu eerst die mail van een ouder, of begin ik eerst aan de planning voor volgende week?

 

 

Denken in leerlijnen

 

Als je alleen groep 6 hebt, dan weet je precies wat in groep 6 aan bod komt en wat je al behandeld hebt. Door nu les te geven aan groep 5 tot en met 8, heb ik een veel completer beeld van de leerlijnen van rekenen, taal en spelling in die groepen. Het maakt dat ik individuele lessen in een groter perspectief plaats en door het geheel te overzien beter keuzes kan maken in de accenten die ik op leerdoelen leg.

 

En dat moet ook wel, want het kan zomaar voorkomen dat ik op een dag vier lessen in dezelfde leerlijn geef. Ter illustratie: Groep 5 kent alleen de millimeter, centimeter, meter en kilometer, maar groep 6 heeft het ook al over de decimeter gehad. Groep 7 kent alle lengtematen en gaat ze vandaag inzetten om oppervlaktes te berekenen, terwijl groep 8 het alweer over inhoud heeft.

 

 

Samenwerken

 

Van fulltime mijn eigen klas naar vier dagen werken (in verband met studie) en samenwerken met twee andere leerkrachten en een onderwijsassistent. Slik. Dat was even wennen. En hoewel ik van te voren wist dat het wennen zou worden, viel het me de eerste weken toch tegen hoe ik in mijn gewoontes vastgeroest zat.

 

Ondertussen zijn we bijna een jaar verder en zie ik de voordelen van het samenwerken. Er zijn altijd collega's met wie ik kan samenwerken en kan sparren.

 

 

Delegeren

 

Bij samenwerken hoort ook delegeren. En hoewel dit op het lijstje staat van dingen die ik heb geleerd, vind ik het nog steeds heel erg moeilijk om sommige taken uit handen te geven. Het is niet zo dat ik mijn collega's niet vertrouw, hoor. Het zijn stuk voor stuk super juffen, maar het is wel zo dat ik als enige de hele week aanwezig ben, waardoor het lastig is om sommige taken over te dragen.

 

Gelukkig zijn er ook genoeg taken die ik wel heb leren overdragen dit schooljaar en waar mijn collega's me fantastisch mee hebben geholpen.

 

 

Grenzen stellen

 

Je kunt het geloven of niet, maar sinds ik in de unit 5-8 werk, maak ik minder uren dan daarvoor (en toen had ik een groep 7/8 met maar 18 leerlingen). En even ter verduidelijking: ik werk nog steeds meer uren dan in mijn contract beschreven staan.

 

Hoe dat kan? Omdat ik me dit jaar realiseerde dat, als ik op de manier van de voorgaande jaren verder wilde, ik elke dag tot een uur of elf 's avonds op school zou moeten blijven. En daar heb ik absoluut geen zin in. Dus nu bepaal ik voor mijzelf per dag wat de eindtijd is. En is het werk niet af, jammer dan, maar dan ga ik toch naar huis.*

 

 

Effectieve instructies geven

 

Als je maar een kwartier of twintig minuten hebt voor de rekeninstructie, dan zul je geen tijd verspillen. En hoewel dit een leerproces is, heb je vrij snel door wat zinvol is en wat niet. De graadmeter voor mij was altijd de volgende vraag: Helpt dit de leerlingen het doel te behalen? Zo ja, doen dan die activiteit. Zo nee, schrappen die hap.

 

En dat betekent niet dat je niks leuks meer kunt doen hoor. Ook groepsbinding kan een doel zijn.

 

 

Afspraken maken

 

En dan met name me ook aan die afspraken houden. Op mijn opleiding hadden ze er een afkorting voor, MaVaNa: afspraken Maken, afspraken Vastleggen en afspraken Nakomen.

 

Als je namelijk met vier collega's samen in een unit werkt, dan moeten afspraken echt consequent nageleefd worden, of de kinderen lopen met je weg.

 

 

*Elke middag begin ik met het mijn klas in orde te maken voor de volgende dag, zodat ikzelf, mijn collega en de kinderen de volgende ochtend verder kunnen. Je leest er meer over als je op deze pagina naar beneden scrollt en kijkt bij 'wat ik meteen na schooltijd doe'.

 

KWETSBAAR: WERKLAST IN UNIT 5-8

 

De laatste tijd is veel te doen over werkdruk in het basisonderwijs. Omdat ik in een vrij ongewone onderwijs setting werk, wordt er vaak naar mijn mening gevraagd. En omdat ik jullie op de hoogte wil houden van wat ik meemaak in unit 5-8, hoort dit verhaal er ook bij.

 

Ik heb plezier in mijn werk. Ik geniet van de kinderen, van mijn taak, van het contact met collega's. Ik heb vorig jaar bewust gekozen voor deze uitdaging en ben er elke dag blij mee. Ik leer zoveel! Vele mooie, waardevolle momenten heb ik al met jullie gedeeld, maar er is natuurlijk ook een andere kant.

 

Over werkdruk en werklast in de unit, over de kwetsbaarheid van een kleine school.

 

 

Er is wat mij betreft een verschil tussen werklast en werkdruk. Werklast zijnde de taken die ik moet uitvoeren en werkdruk hoe ik dat ervaar. Ik kan niet zeggen dat bij mij de werkdruk gigantisch is, want dat is niet zo, maar dat heeft ook met mijn instelling te maken: als ik vind dat het goed is geweest, ga ik naar huis (en neem ik niks mee!) en dan denk ik ook niet meer aan school tot de ochtend erna.

De werklast is bij ons op school wel hoog, even hoog als (misschien wel hoger dan) op menig grote school, simpelweg omdat deze over minder collega’s verdeeld kan worden. En dat maakt ons kwetsbaar.

 

 

Waarom? Met maar met 2 of 3 leerkrachten waar het volledige taakbeleid over verdeeld wordt, is de tijd snel op. Allerlei extra taken, zoals het aannemen van de telefoon en de deur openen zijn op een kleine school ook voor de rekening van de leerkracht, want leerlingen betekent ook een beperkt aantal uren directie, IB en conciërge.

 

En ook al is een unit 1-4 of 5-8 vergelijkbaar met een reguliere klas qua leerlingaantal en zijn er evenveel oudergesprekken, rapporten en nakijkwerk; een groot deel van de administratie moet echter in viervoud gebeuren: vier keer toetsen analyseren, vier keer een groepsoverzicht maken, boekjes voor automatiseren op vier niveaus, wekelijks vier weektaken, vier ouderinfo folders.

 

Maar onze grootste kwetsbaarheid, zijn toch wel de mensen. Op een kleine school ben je namelijk heel afhankelijk van een paar mensen. Valt er één uit, dan heeft dat nogal wat voeten in de aarde.

Het tekort aan invallers speelt natuurlijk op elke school. De mogelijkheid om een groep die geen leerkracht heeft over de andere groepen te verdelen, is er bij ons niet. Dat is een verschil. Een zieke leerkracht en geen vervanger betekent dat er maar één leerkracht aanwezig is. En voor een onderwijsassistent komt er sowieso geen invaller. En ook wanneer er wel een invaller is, zijn we kwetsbaar. Omdat we een heel strakke organisatie hebben en op een bijzondere manier ons onderwijs inrichten, duurt het veel langer voordat een vaste invaller aan de manier van werken gewend is en écht het werk van de vaste leerkracht over kan nemen.

 

 

En nee, ik klaag niet! Want ik heb de mooiste baan die er bestaat. Maar net zoals zo veel van mijn collega's, kom ook ik in aanraking met een hoge werklast en moet ik mijn grenzen bewaken. Het wordt tijd dat we daar eerlijk over zijn.

 

 

WERKEN IN UNIT 5-8: SAMEN VOOR DE KLAS

 

 

In mijn vorige update over het werken in onze unit 5-8 heb ik vooral verteld over het werken met een grote groep kinderen uit vier verschillende leerjaren. Dat is echter maar een deel van het geheel dat het unitwerken omvat.

 

Vandaag ga ik op een heel ander, maar minstens zo belangrijk onderdeel in, namelijk het samenwerken met collega’s.

 

Want - of je nou in een unit 5-8, een unit 7-8 of een unit 8 werkt - de samenwerking met je naaste collega’s is cruciaal voor het slagen van welke unit dan ook.

 

 

Als ik mijn huidige werksituatie vergelijk met mijn werksituatie van vorig schooljaar, had ik verwacht dat de manier waarop ik met kinderen werk, het grootste verschil zou zijn. Maar na zes weken merk ik dat er nog een veel grotere verandering is, namelijk de manier waarop ik met collega’s werk.

 

Bij ons op school staan we, over de hele week verspreid, met vier volwassenen voor deze unit. Twee parttime leerkrachten, een fulltime leerkracht (ik) en een onderwijsassistent.

 

Het grootste deel van de ochtend zien mijn collega’s en ik elkaar niet. We splitsen de unit op in combinatiegroepen of in een instructie en een zelfstandig werken groep. We houden ons aan onze planning, zorgen dat de kinderen op tijd klaar staan voor de wisselmomenten en springen even elkaars klas in als we een vraag hebben.

 

Als je een ochtend bij ons zou meedraaien, valt het je nog niet op.

 

In de middagen komt ons samenwerken wat meer tot uiting. We staan dan samen voor de groep, verdelen de lessen of geven ze samen, benutten elkaars talenten, vullen elkaar aan en ondernemen activiteiten met alle kinderen van de unit samen.

 

Maar zelfs dat geeft geen goed beeld van hoe intens de samenwerking in het unitwerken wel niet is.

 

Het meest belangrijke en waardevolle aspect hiervan vindt namelijk pas na schooltijd plaats: overleg.

 

Het lijkt zo onbenullig, maar goed met elkaar overleggen is van wezenlijk belang voor zo’n beetje alles. Overleggen om vooruit te plannen. Overleggen om regels en afspraken op elkaar af te stemmen. Overleggen om met elkaar te evalueren. Overleggen over de juiste interventie voor die leerling met een rekenprobleem. Overleggen om oudergesprekken voor te bereiden. Overleggen om elkaar tips te geven. Overleggen om elkaar op de hoogte te brengen van wat jij in de klas ziet.

 

Kortom: overleggen om onderwijsaanbod te creëren dat voor elke leerling passend is.

 

Al dit overleggen kost tijd. Veel tijd!

 

Wil ik een belangrijke beslissing nemen, moet ik eerst mijn collega’s contacten. Wil ik het programma omgooien, ben ik afhankelijk van het programma van mijn collega. Ik kan niet meer alleen beslissen; ik ben niet meer de heer en meester van mijn groep.

 

Ik sta er niet meer alleen voor.

 

Maar weet je, ik sta er ook echt niet meer alleen voor!

 

Moet ik een moeilijk gesprek met een ouder voeren, doe ik dat samen met mijn collega. Moet er veel werk verzet worden, verdelen we de taken. Constateer ik een probleem in mijn klas, denken er drie anderen met mij mee. En ben ik een keer ziek, is er altijd nog minimaal één juf in de klas aanwezig om de invaller te helpen.

 

Samen. Dat is het kernwoord waar mijn collega’s en ik het komende schooljaar samen aan werken.

 

 

EEN HEERLIJKE WEEK

 

 

Mijn plan is om jullie regelmatig op de hoogte te houden van hoe het gaat in de unit 5-8. Deze keer laat ik jullie van dag tot dag weten hoe mijn week is verlopen.

 

Ik kan alvast zeggen dat het een heerlijke werkweek is geweest. Dat heeft niet per se iets te maken met de grote combinatiegroep, maar soms heb je zo’n week ertussen zitten waarin alles gewoon lukt zoals je het graag wilt hebben.

 

Nou, zo’n week heb ik dus net achter de rug!

 

 

Maandag

 

Op maandag en dinsdag zijn we met twee leerkrachten in de groep. We splitsen de groep dan voor een groot deel van de dag op, waarbij ik de instructies voor groep 7 en 8 voor mijn rekening neem in het zelfstandig werken lokaal.

 

Het digibord daar zorgde de afgelopen weken voor wat problemen. Gelukkig bood een collega (van een andere school nota bene) een super handige oplossing en konden we vanaf deze week van een perfect werkend bord genieten. Mijn dag kon dus al niet meer stuk!

 

’s Avonds was het tijd voor de eerste bijeenkomst van het tweede jaar van de masteropleiding die ik volg. Aangezien de leslocatie drie huisnummers verder ligt dan de school waar ik werk, ga ik tussendoor niet naar huis. Handig wat betreft reistijden en –kosten, maar maakt wel dat het een erg lange dag wordt.

 

 

Dinsdag

 

Gelukkig heb ik op dinsdag studieverlof. Er staat dan een collega in mijn groep. Van mijn directrice hoef ik tijdens deze studieverlofdagen niet op school aanwezig te zijn en kan ik mijn dag zo afwisselend mogelijk indelen: uurtje studeren, was ophangen, uurtje studeren, stukje voor de website schrijven, enz.

 

Deze dinsdag kwam daar helaas niet zo veel van in, door een teambijeenkomst waarvoor ik eerder terug naar school moest komen én vandaag hadden wij ouderavond.

 

Doordat we maar een kleine school zijn, gaat het niet om heel veel ouders en hadden mijn collega’s en ik besloten de avond voor groep 1 t/m 8 helemaal samen te doen. We hadden een eenvoudige presentatie gemaakt, de taken verdeeld en gedurende de avond vulden we elkaar aan waar dat nodig was. Ons voornemen was om zo een duidelijk verhaal te brengen in een gemoedelijke sfeer.

 

En ook al zijn het maar een paar ouders, zo’n avond is toch heel erg spannend. Wat zouden de ouders er van vinden? Gelukkig hoorde ik later in de week van enkele ouders dat ze het ook zo ervaren hadden als we het hadden bedoeld.

 

 

Woensdag

 

Op woensdag tot en met vrijdag sta ik samen met een onderwijsassistente voor de groep. Ik verzorg de instructies voor groep 5 t/m 8 (5/6 voor de kleine pauze, 7/8 na de kleine pauze) en zij begeleidt het zelfstandig werken, stillezen en de leesgroepjes.

 

Deze woensdag was een dag zoals zoveel andere. Eigenlijk niets bijzonders. En toch tegelijk zo ontzettend bijzonder, omdat het de eerste dag dit schooljaar was dat ik na schooltijd dacht ‘Oké, wat zal ik vanmiddag doen?’ in plaats van als een kip zonder kop door de klas te rennen omdat er nog zoveel geregeld moet worden voor morgen.

 

Langzaamaan en in kleine stapjes begin ik te wennen aan de vier groepen bij elkaar.

 

 

Donderdag

 

Op afgelopen donderdag hebben de kinderen zich sinds vorig schooljaar verheugd. We gingen namelijk op schoolreis. Sinds twee jaar geleden doen we dat aan het begin van het schooljaar, zodat we de rest van het jaar terug kunnen kijken op gezamenlijke herinneringen en kunnen profiteren van het groepsgevoel dat ermee samengaat.

 

Maar ik moet iets bekennen: hoewel de kinderen zich enorm op zo’n uitje verheugen, zie ik er altijd echt tegenop.

 

Ik houd van structuur en voorspelbaarheid, en die is er op die dag in veel mindere mate aanwezig. Dat is ook goed. Daar gaat het zo’n dag ook om, dat het niet zoals andere schooldagen is. Maar toch, het blijft voor mij moeilijk en kan ik meestal pas ontspannen als ik weer terug op school ben met hetzelfde aantal leerlingen als waar ik mee vertrok.

 

Maar dit jaar was het helemaal niet nodig dat ik me zorgen maakte. Ik heb nog nooit zo’n relaxed, gezellig schoolreisje meegemaakt (niet als leerkracht, maar ook niet vroeger als leerling). Het weer was perfect, we waren bijna alleen in het park, we hadden genoeg ouderhulp, alles was perfect. Er waren geen ruzies en ik heb zelfs de EHBO kist niet tevoorschijn hoeven halen (zelfs niet voor een pleister!).

 

 

Vrijdag

 

De gemoedelijke sfeer van de dag ervoor hing op vrijdag nog in de lucht en we hebben echt fijn kunnen werken in de klas.

 

Bij ons op school worden er veel culturele activiteiten aangeboden in samenwerking met partners uit de regio. Zo hadden de kinderen van groep 5/6 een workshop waarin ze zelf een schaduwtheater maakten (volgende week moet ik er aan denken foto’s te maken) en ’s middags gaf de Brassband uit het dorp een les over blaasinstrumenten waarin de kinderen zelf veel mochten uitproberen.

 

En toen was het alweer tijd voor het weekend.

 

Ik heb echt een topweek met een hoofdletter T gehad. Hoe was jouw week?

 

 

ONS LOKAAL IN UNIT 5-8: ALLES IN VIERVOUD

 

 

Terwijl ik met een kop koffie in de tuin van de nazomerzon geniet, kom ik rustig bij van alle indrukken van de eerste schoolweek. Mijn plan was dit op vrijdagavond te doen, ware het niet dat ik al voor negen uur als een blok in slaap viel op de bank bij mijn ouders thuis, en vast geslapen heb tot mijn man me een paar uur later kwam halen.

 

 

Ik had het natuurlijk kunnen weten... Wat is de eerste schoolweek altijd vreselijk vermoeiend!

 

 

Alles is nog aftasten: de kinderen, de ruimte, het rooster, de methodes, nieuwe collega's. Je functioneert zo'n eerste week de hele tijd op het hoogste niveau van alertheid, omdat nog werkelijk niks op de 'automatische piloot' kan. Super intensief, maar ook ontzettend de moeite waard.

 

Ook al zijn we pas vijf dagen samen, toch zie ik de kinderen al groeien. Zelf, maar vooral ook als groep. Het is mooi om te zien hoe snel dat gaat.

 

 

Wat mij van de eerste week in de unit 5-8 het meest opvalt, is dat alles in viervoud is. Logisch natuurlijk, het zijn vier groepen. Al is me bij een gewone combinatiegroep nooit zo sterk het gevoel bijgebleven dat alles dubbel is.

 

 

Als je gewoon al eens rondkijkt in mijn lokaal, of de foto bovenaan dit blog bekijkt, dan zie je het meteen. Er staat niet één grote stapel schrijfschriften, maar vier kleintjes. Dit viervoud maakt dat sommige eenvoudige voorbereidingen een hele organisatie worden. Zo automatiseren wij iedere ochtend een paar minuten voor rekenen. Even een blad van sommenprinter afdrukken, dnek je in eerste instantie. Maar nee, er moeten minimaal vier verschillende versies, aansluitend op het niveau van de groepen. Dat vereist net wat meer denkwerk.

 

 

Schakelen is het ook steeds in de lessen, vier rekeninstructies en vier taalinstructies op een dag. En vier instructies 'an sich' is het werk niet. Het zijn vier echter vier verschillende instructies waarin niet alleen het leerdoel, maar ook het leerkrachtgedrag wezenlijk anders is. In groep 5 hanteer je ander taalgebruik en een intensievere vorm van begeleiding dan in groep 7. En waar ik bij groep 8 de afspraak naleef dat de kinderen zelf verantwoordelijk zijn voor of ze opletten tijdens een instructie (jullie moeten dit leren, niet ik), gaat dit natuurlijk niet op voor de jongere leerlingen.

 

 

Om nog maar te zwijgen van het juist inschatten van de beginsituatie. Groep 7 heeft de hectometer wel al geleerd, maar groep 6 nog niet. Al weet groep 6 wel al precies wat een decimeter is, terwijl groep 5 dat pas later dit schooljaar ontdekt.

 

Een grondige voorbereiding en een snelle check tijdens de start van de les zijn dan van wezenlijk belang.

 

 

En hoewel me gisteren een diepe zucht ontsnapte toen ik vier verschillende weektaken met evenzoveel rekentaken voorbereidde, durf ik ook te zeggen dat het aantal succesmomenten van deze week ook verviervoudigd was.

 

Het enthousiasme van de kinderen van groep 5 dat ze voor het eerst in de grote gymzaal mochten gymmen, groep 6 die aan de rest liet zien hoe goed ze al zelfstandig kunnen werken op de gang, groep 7 (alleen jongens) die een nieuwe leerling (een meisje) met open armen ontvingen en de kinderen van groep 8 die zich zo groot en stoer voelen als schoolverlaters...

 

En als ik heel eerlijk ben, voel ik me dan best bevooorrecht: welke andere leerkracht mag hier allemaal tegelijk van meegenieten?

 

 

 

WELKE GROEP KRIJG JE VOLGEND JAAR?

 

Deze vraag hoor ik de laatste tijd veel Het antwoord is niet zo eenvoudig, het gaat namelijk om groep 5, 6, 7 en 8. En die vier leerjaren worden volgend schooljaar bij ons op school één groep. En daar word ik dus de leerkracht van.

 

Ik weet dit al een hele tijd, maar heb er hier nog niet over geschreven. Eerst moesten collega’s en ouders op de hoogste worden gesteld, daarna moest er worden overlegd over de praktische invulling. Ik ben er dus heel stil over geweest op de website en Facebookpagina. Maar nu ben ik toch wel benieuwd naar de reacties, en of ik het

op een goede manier duidelijk kan maken.

 

Ten eerste, om misverstanden uit de wereld te helpen: ik ga deze groep niet alleen draaien. Twee dagen per week sta ik samen met een andere leerkracht voor de groep waarbij ik me vooral op groep 7 en 8 zal focussen en mijn collega op groep 5 en 6. De andere drie dagen staat er een onderwijsassistent naast me die het zelfstandig werken begeleidt, terwijl ik instructies geef.

 

De beslissing voor zo'n grote combinatiegroep heeft er voor een deel mee te maken dat we een heel kleine school zijn en anders moeten organiseren, maar dat is niet de enige reden. In maart heb ik samen met een groep mensen van ons bestuur een reis gemaakt langs enkele 'vernieuwende' scholen. We hebben gezien dat er zoveel verschillende manieren zijn waarop je je school kunt inrichten (zowel het gebouw als de werkwijze).

 

Ook dichter bij huis zie en hoor ik over mooie ervaringen met een unit 5-8 (zoals het bij ons genoemd wordt). Zo kiest onze (veel grotere) collega-school er sinds vorig jaar zelfs bewust voor alleen met combinatiegroepente werken. Bovendien wordt er in onze onderbouw al sinds twee jaar op deze manier gewerkt en zijn de kinderen (en ouders) er al helemaal aan gewend.

 

Ik heb ontzettend veel zin in volgend schooljaar en zit vol met ideeën om deze nieuwe manier van werken te laten slagen. Ik kijk uit naar groepsdoorbrekende activiteiten, vind het ontzettend leuk dat ik weer groep 5 en 6 krijg en zie er veel voordelen in dat we volgend jaar met een team van leerkrachten naar de kinderen kijken. Meerdere ogen zien en weten toch veel meer. Kortom, ik verheug me enorm op deze nieuwe uitdaging.

 

Maar ik realiseer me ook dat het een hoop werk is, en dat merk ik nu al in de voorbereidingen voor volgend jaar. Jaarbestelling, groepsoverzicht, overdracht... Alles in viervoud! En ik ben een perfectionist. Alles wat ik de afgelopen twee jaar tiptop in orde heb gemaakt voor groep 7 en 8, wil ik nu op precies dezelfde manier voor groep 5 en 6. En het liefst voor de start van het nieuwe schooljaar (en eigenlijk zelfs voor de start van de grote vakantie).

 

Super veel werk, maar ontzetten leuk! En dat is dan ook de reden dat het de afgelopen twee weken zo stilletjes is geweest op mijn website. Dát, en natuurlijk het feit dat ik nog volop in het afscheid van mijn huidige groep 8 zit.

 

In het zuiden werken we nog één weekje door en dan is het vakantie. Ik wens jullie (alvast) een super fijne vakantie! Welke groep krijgen jullie volgend jaar?